(Gemeente)zang en kerkmuziek in tijden van corona?

Gemeentezang, zingen en andere muziek in een anderhalve meterliturgie? Wat zijn de (on)mogelijkheden? Hoe ga je daar mee om? Zijn er alternatieven? En wat zijn de (liturgische) overwegingen?
Wat zijn op dit moment de adviezen en de (on)mogelijkheden?


Met ingang van 5 juni 2021 is er weer wat ruimte voor gemeentezang. Heel bescheiden, in het advies gaat het over ‘op praatniveau’ en ‘gedurende een beperkte tijd’. Bovendien: ga er zeer terughoudend mee om!

  1. Op praatniveau: het geluidsniveau waarop je normaliter spreekt. Dus niet: uit volle borst zingen
  2. Beperkte tijd: het advies is om maximaal 2 coupletten per dienst door allen te laten zingen. Dat kan dan het beste aan het slot van de dienst, omdat iedereen daarna de kerkzaal weer verlaat. Bovendien: de ervaring van dit zingen wordt mee naar buiten, mee naar huis genomen!
  3. Terughoudend: dus zacht zingen, niet meer dan twee coupletten (en als het om een andere vorm dan coupletliederen gaat, een niet te lange compositie). En hou je altijd aan de overige adviezen: niet meer dan het op het eigen kerkgebouw afgestemde maximum aantal kerkgangers, voldoende ruimte tussen de zangers onderling (minimaal 3 meter), voldoende ruimte tussen de kerkgangers (minimaal 1,5 m) en ventileren, ventileren en nog eens ventileren (waarbij mechanisch ventileren beter is dan ‘ramen open’).

Naast deze bescheiden gemeentezang kan er gezongen worden door enkele voorzangers of een kleine zanggroep (maximum 4 personen en op voldoende afstand van de andere kerkgangers).

Zie verder de mogelijkheden die hieronder worden aangereikt.

Inhoud

    1. Algemeen
    2. Zingen en musiceren in de kerkdienst
    3. En nu zingen niet kan? Of hooguit mondjesmaat?
    4. Wanneer kan zingen wel?
    5. Het is en blijft anders

Download de volledige tekst (update 2 juni 2021)

1. Algemeen


In Nederland wordt de vraag rond kerkdiensten, zingen en corona, onderzocht door het RIVM (evenals zingen en musiceren in blaasensemble/-orkest).
Met oog op muziek en musiceren zijn er twee belangrijke informatiebronnen: VirMus en Koornetwerk Nederland.
Virmus verzamelt de wetenschappelijk informatie, in samenwerking met de TU Delft. Met oog op koren, cantorijen en zanggroepen: Koornetwerk Nederland biedt, in samenwerking met het Landelijk Kennisinstituut Cultuureducatie en Amateurkunst (LKCA) verantwoorde informatie voor koren, zoals een protocol waarin een richtlijn samenzang-/spel is opgenomen. Voor de kerken is er het CIO (Interkerkelijk Contact Overheidszaken); zij verzorgen het contact met de overheid. Verder adviseert binnen de Protestantse Kerk een uit deskundigen bestaande werkgroep zich met de materie bezig (Werkgroep Zingen in de Kerk). De adviezen van deze werkgroep zijn vanaf deze paginate downloaden.

  1. VirMus . Zie hier vooral ook onder Vragen en Antwoorden
  2. Koornetwerk . Zie voor koren het Protocol en aanvullende richtlijnen (versie 21 mei 2021)
  3. Cio

2. Zingen en musiceren in de kerkdienst


Zingen, gemeentezang hoort bij een kerkdienst. De vraag waarom dat zo is wordt op verschillende manieren beantwoord. Er kan geantwoord worden vanuit de eigen ervaringen en de eigen beleving, vanuit de theologie, vanuit liturgie. En al die antwoorden laten iets zien van de betekenis van zingen en muziek in de liturgie.
Nu er vanwege de corona-omstandigheden niet gezongen kan worden, gaat het vooral om de vraag: wat betekent dit voor kerkdiensten? Hoe lossen we het op (en valt er eigenlijk iets op te lossen)? Hoe compenseren we (en valt er eigenlijk iets te compenseren)?

Zingen in de kerkdienst …:

    • … is actieve deelname door de kerkgangers;
    • … is communicatie (met elkaar, met God);
    • … geeft vorm aan onderdelen van de liturgie (zoals een gezongen geloofsbelijdenis);
    • … creëert verbinding (met elkaar, met God);
    • … is een lichamelijke activiteit (je bent de ‘speler’ en tegelijk ook het instrument; zingen betekent ‘adem’, adem betekent ‘leven’ (en als het wegvalt: ‘dood’);
    • … is uitzingen én inzingen;
    • … gaat van uitbundige blijdschap tot diep verdriet, van lofprijzing tot woede etc., etc.;
    • … kan je meenemen naar iets wat groter is dan jijzelf, dan jullie samen;
    • … is liturgisch handelen

Musiceren in de kerkdienst …:

    • Net als zingen in de kerkdienst is musiceren in de kerkdienst liturgisch handelen. Veel van wat voor zingen geldt, gaat met wat praktisch verschil of nuanceverschil ook op voor instrumentale muziek.

3. En nu zingen niet kan, of alleen maar mondjesmaat?


Uitgaande van wat hierboven kort is aangegeven doen we hier een aantal suggesties. Niet omdat ze per se allemaal opgevolgd zouden moeten worden. Wel als handreiking: zo zou het kunnen. En voor alle zekerheid: in alle gevallen geldt dat de richtlijnen van rijksoverheid en RIVM van toepassing blijven.

    Zingen is een van de belangrijkste vormen van actieve participatie voor de kerkganger. Er zijn ook andere (liturgische) vormen van actieve deelname maar de gereformeerde traditie is daar altijd terughoudend in geweest. Daardoor vallen ze als mogelijkheid al snel buiten beeld. Of het wordt geassocieerd met andere kerken en liturgische praktijken. In de huidige situatie kunnen ze ondertussen zinvol en waardevol zijn, zeker als het gaat om actieve deelname door de kerkganger:

      o gezamenlijk spreken. Denk aan vaste teksten zoals het Onze Vader, de geloofsbelijdenis. Denk ook aan beurtspraak tussen de voorganger en de kerkgangers (bijvoorbeeld door tijdens het gebed samen steeds een herhaalde zin uit te spreken, zoals ‘Heer, ontferm U’. Of, zoals in refrein in een gezongen lied steeds herhaalt wordt, in een gesproken tekst steeds een gezamenlijk gesproken zin te herhalen, als een gesproken refrein.
      NB: Hou er rekening meer dat spreken ook niet zonder risico is. Ook bij dit spreken geldt: weinig volume! En ook: voldoende afstand tussen de kerkgangers én ventileren, ventileren en nogmaals ventileren.

      GEZAMENLIJK SPREKEN – Voorbeelden en suggesties? Hier zijn een aantal ideeën en mogelijkheden op een rijtje gezet: Download

    Zingen is een lichamelijke activiteit. Maar er zijn meer lichamelijke elementen:

      o Allereerst het samen spreken (zie direct hierboven).
      o Verder kun je ook nadenken over houdingen en gebaren. Staan, zitten, het hoofd gebogen, handen opgeheven. Juist nu kan het goed zijn om het vaste patroon aan houdingen en bewegingen goed te bekijken. Waarom staan? Waarom zitten? Hoe zijn onze gebedshoudingen? Elk gebed in dezelfde houding? Wanneer een actieve houding, wanneer passief? Etc. etc.
      o Het gaat bij houding en gebaar niet alleen om uiten, maar ook om innen. Dat wil o.a. zeggen dat gebaren soms groot en expressief kunnen zijn (opgeheven handen bijvoorbeeld), maar net zo goed klein en intiem (een gebogen hoofd).

     
    Zingen is een vorm van musiceren. Instrumentale muziek kan gelukkig wel (maar: beter geen blaasinstrumenten! Zie hiervoor o.a.: www.virmus.nl).

      o Bij zingen gaat het om een samensmelten van tekst en melodie. In de melodie komt daardoor de tekst mee. Maak vanuit dit gegeven gericht gebruik van instrumentale muziek. Dat kan heel eenvoudig, door de melodie eenstemmig te spelen. Laat de tekst in beeld komen, terwijl de gespeelde melodie klinkt.
      o Een mooi voorbeeld uit de brede traditie van de kerkmuziek: het orgelvers. Bij een lied van meerdere coupletten komt een (of meer dan een) couplet voor rekening van de organist. Hij/zij speelt een mooie zetting of een op de tekst van het couplet gebaseerde bewerking. De gemeente wordt zo in dit couplet meegenomen. Belangrijk:

         de kerkganger heeft de couplettekst in het oog, via de eigen liedbundel of via het scherm;
         de melodie blijft herkenbaar;
         de opeenvolging van coupletten, gezongen én gespeeld blijven een muzikale eenheid, in één doorgaande beweging.

      o Instrumentale muziek kan een ander liturgisch moment of liturgische handeling begeleiden. Niet als achtergrondmuziek of sfeermakertje, maar als verdiepende laag bij dat wat er op dat moment gebeurt. Zie ook hieronder.

    Zingen beweegt zich o.a. op het niveau van het poëtische, beeldende, associatieve, kunstzinnige:

      o Gebruik gedichten. Vaak kunnen liederen als gedicht gelezen worden. In een bundel als het liedboek zijn gedichten en andere poëtische teksten opgenomen. [NB verwijzen naar speciaal register]. Kijk in de gemeente rond of er iemand is met talenten op dit vlak.
      o Een extra optie bij dit lezen/voordragen is dat de melodie wordt gespeeld (zie ook bij het vorige bolletje hierboven).
      o Meer dan ooit is belangrijk: goed voorlezen (o.a. de Bijbellezingen). Dat is op zich niets nieuws, en op het eerste gezicht heeft het ook niets met de corona-situatie te maken. Maar juist nu kan er aandacht komen voor het belang van het lezen van een tekst de tekstuele, literaire kwaliteit. Er is namelijk overeenkomst met muziek en musiceren:

         Er wordt wel gesproken over taalmelodie
         Bij tekstvoordracht wordt gewerkt met expressiemiddelen die ook bij musiceren worden gebruikt. [Dit wil niet zeggen dat het bij het voorlezen van de Bijbel primair gaat om interpretatie en expressie, wel dat er overeenkomsten zijn tussen taal tot klinken brengen en muziek tot klinken brengen.
    Zingen werkt ook op het vlak van ver-beelding en associatie. Beeldende kunst doet dat ook. Vraag je af of een lied vervangen worden door een afbeelding van een schilderij? Kan het daarmee samengaan, bijvoorbeeld door het te lezen bij het beeld?
    Hoe zit het met het werken met bestaande opnames , of die nu uit het archief van eigen diensten komen, van YouTube of via de EO van Nederland Zingt? Enkele aandachtspunten:

      o Bij een bestaande opname is er geen gelijktijdigheid. Ook wordt er iets van buiten ingebracht, niet alleen in klank maar ook in beeld. Dat doorbreekt al heel snel de flow van de eigen dienst. De spanningsboog van dit moment, deze plaats en deze context wordt doorbroken. Dit gaat allereerst op voor gemeentezang, want -bewust of onbewust- wordt daarin het moment zelf meegenomen, de gezamenlijkheid van de dienst tot dan toe.

      o Het ontbreken van de eigen gemeentezang wordt om deze redenen niet opgevuld door te luisteren naar gemeentezang van elders. Wel ontstaat er iets anders, namelijk luisteren naar een bestaande opname. Dat vraagt een eigen manier van afstemmen en finetunen. (o.a.: kloppen de coupletten? Klopt de wijze van zingen en met het moment in de dienst waarop het beluisterd wordt).

    Wat dan wel?

      o Denk in plaats hiervan aan de zanggroep. Déze mensen, leden van de gemeente, zingen als pars pro toto. Zij brengen hier de stem van de gemeente tot klinken, en dat is een principieel gegeven! Het gaat namelijk niet erom dat er gezongen muziek klinkt, maar dat de gemeente zingt. Zorg dat deze zanggroep (cantorij, koor) in de geadviseerde zigzag-opstelling staat.

      o Muziek om te luisteren: kies bij voorkeur voor live muziek. Schakel muzikale gemeenteleden in.

      o Kies je wel voor bestaande opnames, wees er dan van bewust dat het auteursrechtelijk geregeld moet zijn.

      o Instrumentale muziek: blaasinstrumenten brengen extra risico met zich mee.

4. Wanneer kan zingen wel?

    In de kerkdienst (1): Met ingang van 5 juni 2021 zijn er weer bescheiden mogelijkheden. Zie daarvoor hierboven

      In de kerkdienst (2): een voorzanger, cantor of ‘zangleider’ (de laatste leidt dan niet, maar zingt alleen), een bescheiden gemeentezanggroep of cantorij (op dit moment, juni 2021 maximaal 4 á 5 personen); altijd op voldoende afstand van elkaar.

      Buiten de kerkdienst:

        o Zing thuis! Onder douche of op de fiets. Maar vooral ook rond de maaltijd. En zing in de ochtend een morgenlied en een avondlied voor het slapengaan. Juist nu er in kerkdiensten niet gezongen kan worden is het belangrijk om het lied niet helemaal te laten verstommen. God troont op de lofzangen van Israël – kan het niet in een viering dán daarbuiten, naar de mogelijkheden en omstandigheden. (En die ‘lofzangen’ zijn echt niet gelijk aan uitbundige samenzang van velen!)
        o Zing buiten, tijdens je fietstocht/wandeling (maar niet in de directe omgeving van anderen).

    5. Het is en blijft anders


    Een kerkdienst zonder (gemeente)zang, of met slechts een klein beetje, is behelpen. Het is goed om daar oog voor te hebben, blijvend! Want de kerkdienst verandert. Letterlijk, natuurlijk. Maar het is vooral ook de beleving die getroffen wordt. Hoe en wat, dat hangt af van dat wat je gewend was. Dat kan ook per persoon verschillen. Hoe het ook is, de neiging bestaat om te gaan compenseren. Dat zou jammer zijn! Heb er oog voor wat dit met jou, met de gemeente doet. Heb ook oog voor dat wat het met de kerkdienst doet. Brengt het iets anders in beeld? Minder expressie, meer verstilling? Minder klanken, meer woorden? Iets anders?

    Een kerkdienst met bescheiden gemeentezang, zacht en ingetogen, is níet behelpen (al kun je dat wel zo ervaren). Vraag je af: brengt het iets anders in beeld? Ingetogenheid, verstilling, een lied ‘bij je binnen laten komen’ in plaats van het ‘uitzingen’?

    Download de volledige tekst

(update 2 juni 2021)